Log in

Klik hier om in te loggen


Wachtwoord vergeten?

Nog geen inlog? Registreer nu
Om misbruik van dit formulier door spamrobots te voorkomen, vragen wij u hier het controlewoord stowa in te vullen!

Vier Klimaatscenario’s voor Nederland (KNMI 2006)

In 2006 heeft het KNMI vier klimaatscenario’s (Gematigd, Gematigd+, Warm en Warm+) voor Nederland in de 21e eeuw gepubliceerd. De klimaatscenario’s 2006 geven de meest waarschijnlijke veranderingen in het klimaat van Nederland weer.

De G-scenario’s veronderstellen een beperkte opwarming, de W-scenario’s een tweemaal zo snelle opwarming. De +-scenario’s houden daarnaast rekening met gewijzigde luchtstromingen, waardoor nattere winters en drogere zomers ontstaan, terwijl de beide andere scenario’s uitgaan van ongewijzigde luchtstromen.

In deze tabel worden de verschillen tussen de situatie in 1990 en 2050 voor de vier scenario’s qua temperatuur, neerslag, wind  en zeespiegelstijging kort samengevat.

KNMI-klimaatscenario’s 2006 omvatten de meest waarschijnlijke veranderingen in het klimaat van Nederland. Deze veranderingen zijn:

  • De opwarming zet door, zachte winters en warme zomers komen vaker voor
  • De winters worden gemiddeld natter en ook de extreme neerslaghoeveelheden nemen toe
  • De hevigheid van extreme regenbuien in de zomer neemt toe, maar het aantal zomerse regendagen wordt juist minder
  • De veranderingen in het windklimaat zijn klein ten opzichte van de natuurlijke grilligheid
  • De zeespiegel blijft stijgen

Het KNMI geeft aan dat de gemiddelde temperaturen in Nederland in 2006 en 2007 vergelijkbaar zijn met het klimaat in Midden-Frankrijk tegen het eind van de vorige eeuw. Dat gebied ligt ongeveer 600 tot 800 kilometer zuidelijk van ons land.

Voor alle toekomstscenario’s geldt dat er rekening moet worden gehouden met meer zomers met hittegolven dan nu het geval is. In het W+ scenario zullen rond 2050 zomers als in 2003, met drie weken hittegolf, gemiddeld eens per twee jaar voorkomen. Al eerder zal er bij dit scenario regelmatig sprake zijn van een tekort aan zoet water. Het KNMI beschouwt de temperatuurstijging in de scenario’s W en W+ als de meest waarschijnlijke voor de komende decennia.

De Deltacommissie 2008 houdt, op basis van de laatste inzichten over klimaatscenario’s, rekening met een sterkere mondiale opwarming en een snellere afname van de ijskappen op Groenland en Antartica vanaf 2050. Zij adviseert er rekening mee te houden dat de zeespiegel vanaf dat jaar sneller zal stijgen en het beleid voor waterveiligheid hierop aan te passen. Ze presenteerde haar scenario als 'referentie voor een langere termijn robuustheidstoets van te nemen maatregelen en investeringen'. Het KNMI beschouwt het scenario van de Deltacommissie als een 'plausibele bovengrens'.