Log in

Klik hier om in te loggen


Wachtwoord vergeten?

Nog geen inlog? Registreer nu
Om misbruik van dit formulier door spamrobots te voorkomen, vragen wij u hier het controlewoord stowa in te vullen!

Natuurbescherming

Weidevogelgraslanden, natuurreservaten en Natura 2000 gebieden

Veel veenweidenatuur en moerasnatuur is in bezit van natuurbeschermingsorganisaties, b.v. Natuurmonumenten, Staatsbosbeheer en de provinciale landschappen. Zij voeren ook het beheer over deze natuurreservaten. Een aantal van de belangrijkste natuurgebieden zijn aangewezen als Natura 2000-gebied en zijn onderworpen aan Europese richtlijnen (Vogelrichtlijn, Habitatrichtlijn). Dit onderstreept het internationale belang van deze gebieden en geeft extra waarborgen voor hun bescherming. Het natuurbeheer omvat zowel externe maatregelen (waterbeheer) om de condities te scheppen voor de aanwezige soorten als interne maatregelen (maaien, begrazen, etc.), die bij bepaalde typen natuur noodzakelijk zijn.

Naast deze reservaten zijn er ook veel natuurwaarden die in het boerenland aanwezig zijn en door boeren worden beheerd. Hierbij kan gedacht worden aan weidevogelgraslanden, moerasbosjes, rietlanden, kleine veenplassen en slootkanten. Boeren ontvangen vergoedingen voor hun beheersactiviteiten. Een aantal agrarische natuurverenigingen stimuleert dit soort verweving van landbouw en natuurbeheer.

Tabel: Overzicht van de vegetatietypen die voorkomen in de Westelijke Veenweidegebieden. Aangegeven is welke beheerdoelstellingen behoren bij de verschillende natuurtypen, of de natuurtypen veenvormend danwel veen verliezend zijn, wat de range is van de gemiddeld laagste grondwaterstand waarbij deze natuurtypen voorkomen, het beheer dat noodzakelijk is om de typen in stand te houden en welke plantengemeenschappen behoren tot de beschreven natuurtypen (gewijzigd naar: Bal e.a., 2001).
Doelstelling: B= botanisch; M= moerasvogel; P= paddenstoelen; I= insectenfauna; W= weidevogel Veenvorming: + = veenvormend systeem; -= veen verliezend systeem; +/-= veenvormend of veen verliezend, afhankelijk van het waterpeil GLG: Gemiddeld Laagste Grondwaterstand (in cm beneden maaiveld) heeft betrekking op het uitzakken van het grondwater in de zomer. Code VvN: code van de plantengemeenschappen die behoren tot de verschillende typen natuur. De codes verwijzen naar de Vegetatie van Nederland, deel 1-5.